Op de meeste schermen van PVS is een hulpfunctie aanwezig met specifieke informatie over dat scherm. Een aantal onderwerpen zijn echter 'scherm overstijgend'. Voor deze onderwerpen vindt u hieronder additionele hulp:
1. Uitvoeren van zorgtransfers
Een zorgtransfer legt informatie vast over zowel de gewenste als de daadwerkelijke vervolgzorg na ontslag van een patiënt uit een zorginstelling. Daarbij is overlijden een bijzondere vorm van ontslag.
Een zorgtransfer wordt gestart vanuit het patiëntscherm (als deze een actuele opname heeft) met het menu-item 'Start transfer'. Gegevens over de transfer kunnen al ingevoerd worden voor het daadwerkelijk ontslag, bijvoorbeeld door het (optioneel) plannen en registreren van:
- de aanmelding bij het transferbureau
- de indicatieaanvraag en het indicatiebesluit
- de voorkeur van de patiënt voor een vervolginstelling
- het zorgpad (CVA, Collum Care, Joint Care, etc)
- psychosociale begeleiding
- overleg met vervolginstellingen over het mogelijke vervolg
Ook nadat de zorgtransfer (voor het eerst) is opgeslagen kan deze informatie ingezien en eventueel aangepast worden door de zorginstelling die de patiënt ontslaat, de vervolginstelling die de voorkeur van de patiënt geniet en de vervolginstelling waar de patiënt daadwerkelijk is aangemeld.
2. Starten en overdragen van behandelrelatiesIn PVS wordt een onderscheid gemaakt tussen de afdeling waar de patiënt verblijft en het team dat de patiënt behandelt. Zorgtransfers hebben betrekking op verplaatsingen tussen afdelingen; overdrachten hebben betrekking op het delen van informatie tussen behandelteams.
Bij de eerste opname van een patiënt wordt de patiëntcategorie vastgelegd. Deze patiëntcategorie (bijvoorbeeld CVA) bepaalt het team (bijvoorbeeld het multidisciplinaire CVA-team) dat de patiënt behandelt. Zo'n team kan patiënten van verschillende afdelingen behandelen. In het kader van de behandeling wordt zorginhoudelijke informatie voor de overdracht naar de betreffende vervolginstellingen vastgelegd. Dat kan in PVS met scores (bijvoorbeeld NIHSS, Barthell en MRS) en met overdrachtsformulieren.
Een overdrachtsformulier wordt ingevuld door een daartoe geautoriseerde discipline en wordt pas zichtbaar voor een team (van bijvoorbeeld een vervolginstelling) als (a) het formulier is 'vrijgegeven' en (b) het betreffende team betrokken is bij de patiiënt, d.w.z. een behandelrelatie heeft. Een team kan op een aantal manieren betrokken worden:
- Automatisch bij opname: als een patiënt wordt opgenomen op een afdeling van een instelling worden alle teams betrokken die (a) werken voor de betreffende afdeling en (b) die ingericht zijn voor dezelfde patiëntcategorie als de betreffende patiënt;
- Automatisch bij transfer: als een patiënt wordt aangemeld bij een afdeling van een vervolginstelling worden automatisch alle teams van die vervolginstelling betrokken die (a) werken voor de betreffende afdeling en (b) die ingericht zijn voor dezelfde patiëntcategorie als de betreffende patiënt
- Op uitnodiging: Een team kan handmatig uitgenodigd worden, waarbij het betreffende team eerst de uitnodiging moet accepteren alvorens zijn de patiënt en zijn/haar dossier kan inzien en aanpassen.
Zodra de overdracht is aangemeld komt deze binnen in een soort van 'inbox' op het scherm 'Binnengekomen overdrachten' van de vervolginstelling. Alleen gebruiker van een bepaalde discipline (waarbij is vastgelegd dat deze overdrachten kan aanmelden en ontvangen) zien deze inbox. Daar kan een dergelijke gebruiker de overdracht openen om vervolgens een behandelrelatie te starten. Totdat de voorgaande zorginstelling haar eigen behandelrelatie beëindigt is er sprake van parallelle behandelrelaties.
3. Registreren van een nieuwe gebruiker van PVS<hulp toe te voegen
4. Wijzigen autorisaties van formuliersjablonen<hulp toe te voegen>